PXL - Inleiding tot Praktijkgericht Onderzoek H3

Choose a study mode

Play Quiz
Study Flashcards
Spaced Repetition
Chat to Lesson

Podcast

Play an AI-generated podcast conversation about this lesson

Questions and Answers

Welke van de volgende zijn NIET elementen van een probleemstelling?

  • Hypothese (correct)
  • Doel van het onderzoek
  • Relevantie
  • Afbakening van het onderzoeksonderwerp

Een onderzoeksvraag is altijd een vraag die met 'ja' of 'nee' kan worden beantwoord.

False (B)

Wat is het doel van een probleemstelling?

De probleemstelling formuleert het probleem dat het onderzoek wil aanpakken en geeft aan wat het onderzoek wil bereiken.

Een goede onderzoeksvraag moet voldoen aan het ______-principe.

<p>SMART</p> Signup and view all the answers

Match de verschillende soorten onderzoeksvragen met hun type onderzoek:

<p>Beschrijvende onderzoeksvragen = Kwalitatief onderzoek Verklarrende onderzoeksvragen = Kwantitatief onderzoek</p> Signup and view all the answers

Wat is een voorbeeld van een beschrijvende onderzoeksvraag in kwantitatief onderzoek?

<p>Wat is de gemiddelde leeftijd van studenten aan PXL? (D)</p> Signup and view all the answers

Kwalitatief onderzoek is altijd gericht op het vinden van oorzaak-en-gevolgrelaties.

<p>False (B)</p> Signup and view all the answers

Volgens Tabel 3.2 zijn de meeste hangjongeren van het vrouwelijke geslacht.

<p>False (B)</p> Signup and view all the answers

Welke onderzoeksvraag is een voorbeeld van een beschrijvende onderzoeksvraag?

<p>In welke mate hebben gezinnen in Hechtel-Eksel moeilijkheden om rond te komen? (A)</p> Signup and view all the answers

Een verklarende onderzoeksvraag bouwt verder op een ______ onderzoeksvraag.

<p>beschrijvende</p> Signup and view all the answers

Match de volgende termen met hun juiste beschrijving:

<p>Afhankelijke variabele = De variabele die wordt verklaard Onafhankelijke variabele = De variabele die de afhankelijke variabele beïnvloedt Causale hypothese = Een verondersteld antwoord op een verklarende vraag Beschrijvende vraag = Een vraag die een fenomeen beschrijft</p> Signup and view all the answers

Welke van de volgende beweringen is juist over de formulering van een hypothese?

<p>Hypothesen worden gebaseerd op inductie, waarbij men een veronderstelling formuleert op basis van een beperkt aantal waarnemingen. (A)</p> Signup and view all the answers

Een hypothese kan nooit getoetst worden.

<p>False (B)</p> Signup and view all the answers

Wat zijn de drie voorwaarden voor causaliteit die moeten worden getoetst bij een causale hypothese?

<p>De drie voorwaarden voor causaliteit zijn: 1. Samenhang tussen variatie in X en variatie in Y, 2. De samenhang tussen X en Y is causaal en wordt niet veroorzaakt door een derde variabele, 3. De variatie in variabele X is de oorzaak van variatie in variabele Y en niet andersom.</p> Signup and view all the answers

Het proces van het toetsen van een hypothese gebeurt door middel van _____.

<p>deductie</p> Signup and view all the answers

Match de begrippen met hun juiste beschrijving:

<p>Inductie = Het formuleren van een hypothese op basis van een beperkt aantal waarnemingen. Deductie = Het toetsen van een hypothese met een groot aantal waarnemingen. Samenhang = De variabelen variëren op een manier die impliceert dat er een verband is tussen de variabelen. Causaliteit = Een verband waarin de variatie in de ene variabele de variatie in de andere variabele veroorzaakt.</p> Signup and view all the answers

Welke voorwaarde voor causaliteit houdt in dat de variabelen op een manier variëren die een verband impliceert?

<p>Samenhang (D)</p> Signup and view all the answers

Indien aan de eerste voorwaarde voor causaliteit is voldaan, is er bewezen dat er sprake is van een oorzakelijk verband.

<p>False (B)</p> Signup and view all the answers

Waarom is het belangrijk om te bepalen of er geen sprake is van een derde, zogenaamde "storende variabele"?

<p>Omdat een derde variabele kan zorgen voor een schijnverband tussen de variabelen X en Y, waardoor de causale relatie tussen X en Y niet bewezen wordt.</p> Signup and view all the answers

De variabele die wordt verklaard in een causale hypothese wordt de _____variabele genoemd.

<p>afhankelijke</p> Signup and view all the answers

Welke vordering is juist met betrekking tot de hypothese dat variatie in het ‘netto beschikbaar gezinsinkomen’ de moeilijkheidsgraad van rondkomen bepaalt?

<p>De hypothese moet worden getoetst op de drie voorwaarden van causaliteit. (A)</p> Signup and view all the answers

Welk van de volgende is een voorbeeld van een schijnbare causale samenhang, zoals beschreven in de tekst? (Selecteer alle van toepassing)

<p>Hoe meer mensen een ijsje eten, des te meer mensen verdrinken tijdens de zomer. (C), Hoe meer zonuren, des te meer mensen gaan naar het strand. (D)</p> Signup and view all the answers

Een storende variabele kan ervoor zorgen dat de samenhang die je observeert tussen twee variabelen, een schijnbaar causale samenhang is.

<p>True (A)</p> Signup and view all the answers

Leg uit wat een conceptueel model is in de context van het onderzoek naar causale samenhang.

<p>Een conceptueel model is een visuele weergave van de veronderstelde relaties tussen variabelen. Het model laat zien welke variabelen van invloed zijn op andere variabelen en welke richting de causale samenhang heeft.</p> Signup and view all the answers

Een hypothese die stelt dat negatieve stress een ______ effect heeft op studieresultaten van studenten, betekent dat hogere stress niveaus geassocieerd zijn met ______ resultaten.

Signup and view all the answers

Welke van de volgende causale veronderstellingen kunnen we aflezen uit Figuur 3.3?

<p>Studenten met een grotere hoeveelheid negatieve stress behalen slechtere studiepunten. (B), Studenten met een hogere studiemotivatie behalen betere studiepunten. (C)</p> Signup and view all the answers

Kwalitatief onderzoek gaat er vanuit dat er één objectieve werkelijkheid is die we kunnen meten.

<p>False (B)</p> Signup and view all the answers

Welke kenmerken van kwalitatief onderzoek zorgen ervoor dat er dieper wordt ingegaan op verschillende belevingen en ervaringen?

<p>In kwalitatief onderzoek wordt gebruik gemaakt van open vragen in diepte-interviews om de verschillende belevingen en ervaringen van mensen te begrijpen. Dit type onderzoek gaat dus diep in op de subjectieve ervaringen en interpretaties van de werkelijkheid.</p> Signup and view all the answers

Een voorbeeld van een beschrijvende onderzoeksvraag in kwalitatief onderzoek is: "______ ervaren leerlingen in het secundair onderwijs schoolwelbevinden?"

<p>Welke ervaringen met</p> Signup and view all the answers

Match de volgende voorbeelden van onderzoeksvragen met het type onderzoek dat het best past:

<p>Welke factoren beïnvloeden de tevredenheid over een online hulpverleningsdienst? = Kwantitatief onderzoek Hoe ervaren jongeren de impact van sociale media op hun mentale gezondheid? = Kwalitatief onderzoek Wat is het verband tussen het aantal uur studeren en de behaalde cijfers? = Kwantitatief onderzoek Hoe denken ouders over de educatieve waarde van digitale spelletjes? = Kwalitatief onderzoek</p> Signup and view all the answers

Een positief effect tussen twee variabelen betekent dat wanneer de waarde van de ene variabele stijgt, de waarde van de andere variabele ook stijgt.

<p>True (A)</p> Signup and view all the answers

Wat is de naam voor de variabele die wordt verklaard in een causale hypothese?

<p>Afhankelijke variabele</p> Signup and view all the answers

Een ______ model geeft een schematische weergave van de veronderstelde causale relaties tussen verschillende variabelen.

<p>conceptueel</p> Signup and view all the answers

Match de volgende variabelen met hun rol in een causaal model:

<p>Resultaten van studenten = Afhankelijke variabele Geslacht = Onafhankelijke variabele Motivatie = Onafhankelijke variabele Stress = Onafhankelijke variabele</p> Signup and view all the answers

Een conceptueel model kan alleen gebruikt worden om causale samenhangen te weergeven.

<p>False (B)</p> Signup and view all the answers

Welke van de volgende voorbeelden zijn mogelijke hypotheses die in het onderzoek naar de behaalde resultaten van studenten kunnen worden onderzocht?

<p>De hoeveelheid tijd die een student besteedt aan sociale media heeft een negatieve invloed op zijn of haar studieresultaten. (B), De hoeveelheid slaap die een student krijgt heeft een positieve invloed op zijn of haar studieresultaten. (D)</p> Signup and view all the answers

Leg uit waarom er geen plus- of minteken staat boven de pijl van 'geslacht' naar 'studieresultaten' in Figuur 3.3.

<p>De variabele 'geslacht' is een categorische variabele die uit twee waarden bestaat ('man' of 'vrouw'). Omdat de variabele 'geslacht' niet continu kan variëren, is het niet mogelijk om een positief of negatief effect aan te geven.</p> Signup and view all the answers

Een ______ effect tussen twee variabelen betekent dat naarmate de waarde voor de ene variabele stijgt, de waarde voor de andere variabele juist daalt.

<p>negatief</p> Signup and view all the answers

Welke van de volgende statements over causale samenhang is juist?

<p>Een causale samenhang impliceert een oorzaak-en-gevolgrelatie tussen twee variabelen. (D)</p> Signup and view all the answers

Flashcards

Onderzoeksonderwerp

Het specifieke onderwerp dat onderzocht wordt in een studie.

Probleemstelling

Een duidelijke formulering van het probleem dat onderzocht wordt.

Elementen van een probleemstelling

Belangrijke onderdelen zoals afbakening, relevantie en doel.

Onderzoeksvraag

Een specifieke vraag die beantwoord moet worden door het onderzoek.

Signup and view all the flashcards

Soorten onderzoeksvragen

Verschillende typen vragen, zoals kwantitatief en kwalitatief.

Signup and view all the flashcards

SMART

Een criteria-methode voor het formuleren van doelstellingen en vragen: Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdgebonden.

Signup and view all the flashcards

Beschrijvende onderzoeksvragen

Vragen die gericht zijn op het beschrijven van kenmerken of fenomenen.

Signup and view all the flashcards

Frequentietabel

Tabel die toont hoe vaak bepaalde waarden voorkomen in data.

Signup and view all the flashcards

Hangjongeren

Jongeren die vaak op straat hangen, zonder specifieke activiteit.

Signup and view all the flashcards

Verklaring onderzoeksvraag

Vraag die naar de oorzaken van variatie in data peilt.

Signup and view all the flashcards

Beschrijving onderzoeksvraag

Vraag die informatie verzamelt over een bepaalde situatie.

Signup and view all the flashcards

Afhankelijke variabele (Y)

Variabele die wordt beïnvloed door andere variabelen.

Signup and view all the flashcards

Onafhankelijke variabele (X)

Variabele die invloed heeft op de afhankelijke variabele.

Signup and view all the flashcards

Causale hypothese

Veronderstelde verklaring voor een variatiesituatie.

Signup and view all the flashcards

Moeilijkheidsgraad rondkomen

Mate waarin gezinnen moeite hebben om financieel te overleven.

Signup and view all the flashcards

Geslacht van jongeren

Verhouding mannelijke en vrouwelijke jongeren in een onderzoek.

Signup and view all the flashcards

Causale veronderstellingen

Veronderstellingen over oorzaak-en-gevolgrelaties in onderzoek.

Signup and view all the flashcards

Studieresultaten en stress

Meer negatieve stress leidt tot slechtere studieresultaten.

Signup and view all the flashcards

Studiemotivatie

Hogere studiemotivatie zorgt voor betere studieresultaten.

Signup and view all the flashcards

Kwalitatief onderzoek

Onderzoek dat zich richt op subjectieve ervaringen en interpretaties.

Signup and view all the flashcards

Descriptieve onderzoeksvragen

Vragen die ervaringen van groepen in kaart brengen.

Signup and view all the flashcards

Causale samenhang

Een relatie waarbij veranderingen in X leiden tot veranderingen in Y.

Signup and view all the flashcards

Niet-causale samenhang

Een relatie tussen variabelen zonder directe oorzaak-gevolgrelatie.

Signup and view all the flashcards

Storende variabele

Een derde variabele die invloed heeft op de relatie tussen X en Y.

Signup and view all the flashcards

Hypothese

Een veronderstelling die getest kan worden in onderzoek.

Signup and view all the flashcards

Negatieve stress

Stress die een negatief effect heeft op uitkomsten zoals studieresultaten.

Signup and view all the flashcards

Geslacht in onderzoek

Variabele die categorisch is en niet kan stijgen of dalen.

Signup and view all the flashcards

Studieresultaten

De prestaties van studenten gemeten door cijfers of beoordeling.

Signup and view all the flashcards

Onderzoeksvraag naar resultaten

Vraag die achterhaalt wat bijdraagt aan de studieresultaten van studenten.

Signup and view all the flashcards

Inductie

Het afleiden van een hypothese uit beperkte observaties.

Signup and view all the flashcards

Deductie

Toetsen van een hypothese met vele waarnemingen.

Signup and view all the flashcards

Verklarende variabele

De variabele die de uitkomst beïnvloedt (X).

Signup and view all the flashcards

Te verklaren variabele

Het resultaat dat je wilt verklaren (Y).

Signup and view all the flashcards

Voorwaarde van samenhang

Variabelen moeten samen variëren voor causaliteit.

Signup and view all the flashcards

Causaliteit

Relatie waarin de variatie in X de variatie in Y veroorzaakt.

Signup and view all the flashcards

Variatie

De verandering of fluctuatie in een variabele.

Signup and view all the flashcards

Study Notes

PXL - People & Society - Inleiding tot Praktijkgericht Onderzoek - De onderzoekscyclus

  • Toegepaste Psychologie cursus
  • Cursus over praktijkgericht onderzoek
  • Onderzoekscyclus besproken
  • Lectoren: Hilde De Wit, Franne Mullens & Micheline Phlix

Hoofdstuk 3: Probleemstelling & Onderzoeksvragen

  • Onderzoeksonderwerp: Het onderwerp dat de onderzoeker bestudeert. Kan vanuit de praktijk komen, of vanuit literatuuronderzoek. Praktijkgericht onderzoek moet ook een praktijkrelevante component bevatten.
  • Probleemstelling: Een afgebakende formulering van het probleem dat onderzocht dient te worden. De probleemstelling bevat een afbakening van het onderwerp, de relevantie en het doel van het onderzoek.
  • Elementen van de probleemstelling:
    • Afbakening van het onderzoekonderwerp
    • Relevantie van het onderzoek
    • Doel van het onderzoek
  • Soorten onderzoeksvragen:
    • Kwantitatief onderzoek: beschrijvende en verklarende onderzoeksvragen
    • Kwalitatief onderzoek: beschrijvende en verklarende onderzoeksvragen
  • Een goede onderzoeksvraag formuleren: Deze moet SMART zijn, wat staat voor: Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdsgebonden.
  • Onderzoeksvragen: Vragen die de onderzoeker met het onderzoek wil beantwoorden. Deze vloeien voort uit de probleemstelling. Onderzoeksvragen kunnen algemene vragen zijn, of in deelvragen opgesplitst worden.
  • Soorten variabelen:
    • Onafhankelijke variabele (X)
    • Afhankelijke variabele (Y)

Leerdoelen Hoofdstuk 3

  • Studenten kunnen de elementen van een probleemstelling omschrijven.
  • Studenten kunnen de probleemstelling en onderzoeksvragen herkennen in bestaand onderzoek.
  • Studenten kennen de soorten onderzoeksvragen en kunnen deze linken aan kwalitatief of kwantitatief onderzoek.
  • Studenten kunnen een causaal model correct interpreteren.
  • Studenten kunnen een SMART onderzoeksvraag formuleren.

Studying That Suits You

Use AI to generate personalized quizzes and flashcards to suit your learning preferences.

Quiz Team

Related Documents

More Like This

Practical Research Essentials
11 questions
Defining Practical Research
16 questions

Defining Practical Research

ProblemFreeConnemara4471 avatar
ProblemFreeConnemara4471
Use Quizgecko on...
Browser
Browser